vrijdag 27 december 2013

Zwin-engel

Ooit verscheen ik in het Zwin, dook uit de golven en leefde op een paalhoofd. Daar werd ik verjaagd, maar ik liet een gouden oor achter. Dat werd pas onlangs verzwolgen door het tij. Waarop ik een ei legde, en heer Halewijn baarde. Zie vorig blog. Die slaapt, en is in zondige retraite. Hierover later meer.

Daarna kroop uit het slik in de nazomer de Zwinengel. Te klein om te overleven? 't Cherubijntje bestaat geheel uit zand en schelpen en is dus natuurlijk en lekker sterk. 
Ze vertelde verhalen, die leken op die uit de late middeleeuwen. Doordrenkt met religie, laatste avondmalen en dito oordelen. Betekenisvol als een Vlaamse primitief... 
Maar ach, de engel was een nuchtere Zeeuw, en vroeg na haar openbaring vriendelijk of de kust al versterkt was. Het was haar een raadsel dat de mensen na de verzanding van het Zwin dachten dat het land veilig was.
Nee de kust had hier nog geen beurt gehad....
Maar 't gaat komen.
De engel vindt het goed. Heel goed. 't Getuigt van hoogmoed, sprak ze, om achter dat dijkje het dorp te gaan pimpen...









Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen